Bestraling borstkanker

Uitwendige bestraling

Gang van zaken bij de bestraling

De afdeling Radiotherapie op locatie Leyweg heeft 2 bestralingsapparaten voor uitwendige bestraling. Deze apparaten zijn gelijk aan elkaar. Het bestralingsapparaat waarmee u behandeld wordt, is een zogenaamde lineaire versneller. Röntgenstralen (voor diepe bestraling) of elektronenstralen (voor oppervlakkige bestraling) worden hierbij opgewekt. Afhankelijk van het bestralingsplan worden één of beide soorten stralen bij u toegepast.

U meldt zich bij de receptie van de afdeling Radiotherapie (Koute K10). Daarna neemt u plaats in de wachtruimte. Als u aan de beurt bent, wordt u opgehaald door een MBB-er. Deze informeert u in het kort over de bestraling en begeleidt u naar de bestralingsruimte.

Op basis van de tatoeage-punten, de tekening op de huid leggen de MBB-ers u in de juiste houding. Dit doen zij met behulp van laserlijnen. Deze laserlijnen kunt u wel zien, maar niet voelen. Uw houding is dezelfde als bij de voorbereiding. Na het instellen van de apparatuur verlaten de MBB-ers de bestralingsruimte en wordt de behandeling gestart.

Bestralen van de linker borst en thoraxwand

Bij het bestralen van de linkerborst is er vanwege de ligging van het hart meer risico dan bij het bestralen van de rechterborst. Om die reden wordt de linker borst of thoraxwand bestraald met gebruik van de Voluntary Breath Hold of VBH-techniek. Met deze methode controleren we met behulp van een laserlijn de mate van inademing. Als u niet voldoende inademt of de adem niet langer vast kan houden, dan stopt de bestraling. Door deze techniek zijn wij in staat om de gehele borst te bestralen en het hart en de longen zoveel mogelijk te sparen.

De VBH-techniek is een patiëntvriendelijker alternatief voor de zogenaamde ABC-methode (Active Breathing Control, actieve controle ademhaling). Zie voor meer informatie de patiëntenfolder over de VBH-techniek.

De totale bestraling duurt slechts enkele minuten. Een bestraling wordt meestal uit verschillende richtingen gegeven. Het bestralingsapparaat beweegt om u heen terwijl u in dezelfde houding blijft liggen. Als de bestralingsdosis is afgegeven, slaat het toestel automatisch af. Een te hoge bestralingsdosis kan zodoende niet plaatsvinden.

Na de bestraling komen de MBB-ers de behandelkamer weer binnen om aan te geven dat de behandeling klaar is. Blijft u liggen totdat de MBB-ers u vertellen dat u weer mag bewegen.

Tijdens de bestralingsperiode spreekt u één of meerdere keren met uw bestralingsarts.

Als u tussentijds klachten heeft, kunt u deze met de MBB-ers bespreken. Indien gewenst, regelen zij dat u eerder een afspraak met de bestralingsarts heeft. Vóór, tijdens en na de bestralingen kan de bestralingsarts het nodig vinden om extra onderzoek te verrichten, zoals bloedonderzoek, gewichtscontrole of om een diëtiste of andere hulpverlener in te schakelen.

De APBI methode

Bij oudere patiënten wordt minder vaak sparend behandeld, terwijl de kans op succes van een borstsparende behandeling duidelijk groter is op oudere leeftijd. Daarom is er voor gekozen te starten bij patienten van 60 jaar en ouder.

Deze nieuwe bestralingsmethode noemen we de APBI methode; alleen het operatiegebied wordt bestraald. Door Europese en Amerikaanse organisaties van radiotherapeut-oncologen (ESTRO en ASTRO) is aangetoond dat de methode veilig en effectief is.

ARA_6642

 

Contact

HagaRadiotherapie
Locatie Leyweg

Telefoon(070) 210 2659

image_3006Meer informatie
Locatie LangeLand Ziekenhuis

Telefoon(079) 346 2494

image_3006Meer informatie